Wat?
HOPE is een Europees project dat digitale collecties samenbrengt rond sociale geschiedenis en de geschiedenis van de arbeidersbeweging. De HOPE database documenteert meer dan 200 jaar Europese geschiedenis: van de late Franse Revolutie tot het begin van de democratische en de arbeidersbewegingen, de wereldoorlogen, de Europese eenmaking en het einde van de scheiding tussen het oosten en het westen van Europa. Meer dan 880.000 digitale objecten rond sociale geschiedenis en de geschiedenis van de arbeidersbeweging in Europa zullen beschikbaar gemaakt worden langs verschillende kanalen, en toegankelijk zijn voor consultatie en onderzoek (audio, video, tekst en beelddocumenten). De HOPE-partners verbinden hun digitale collecties met het meertalige portaal Europeana. Europeana is een meertalig toegangspunt om Europa's verspreide digitale culturele erfgoed online te doorzoeken. Het geeft gebruikers directe toegang tot meer dan 10 miljoen digitale objecten rond Europese cultuur en geschiedenis in archieven, bibliotheken, museums en onderzoeksinstituten. De HOPE-partners maken hun collecties eveneens toegankelijk via het Labour History Portal , een website van de International Association of Labour History Institutions (IALHI). IALHI brengt archieven, bibliotheken, documentatiecentrums, museums en onderzoeksinstituten van over de hele wereld samen die zich specialiseren in de geschiedenis en de theorie van de arbeidersbeweging. HOPE wordt mede gefinancierd door de EU via het Information and Communication Technologies Policy Support Programme (ICT PSP).
Projectwebsite: http://www.peoplesheritage.eu

Wie?
HOPE is een samenwerking van 11 instellingen voor sociale geschiedenis en 1 technische partner uit 11 Europese landen:

Amsab-Instituut voor Sociale Geschiedenisleidt de werkzaamheden van Work Package 2. In die hoedanigheid heeft Amsab-ISG een gemeenschappelijk HOPE Data Model gedefinieerd, een gestructureerde set metadata-elementen, die het mogelijk maken om beschrijvende, administratieve en structurele gegevens over de HOPE collecties op te slaan. De HOPE Metadata Structure is geconcipieerd als een schakelbord tussen lokale structuren en discovery service structuren. Het garandeert aldus optimale interoperabiliteit binnen het partnership van HOPE, en volledige interoperabiliteit met Europeana en andere discovery services.

Waar?
Een Europees samenwerkingsverband in 11 Europese landen.

Wanneer?
Het HOPE-project ging van start in mei 2010 en loopt tot mei 2013. Daarna wordt het netwerk structureel ondersteund door IALHI.

Hoe?
HOPE formuleerde een aantal Best Practices, die in de vorm van PDF-bestanden op de projectwebsite worden aangeboden. Aan de content partners wordt ondersteuning geboden in de vorm van een HOPE Support Team en een online HOPE Content Partner Manual. De partners kunnen digitale objecten en de bijhorende metadata aanleveren aan centrale services zoals de HOPE Metadata Aggregator en de HOPE Shared Object Repository. De metadata worden geconverteerd naar een gemeenschappelijk HOPE Data Model door middel van door de content partners aangereikte mapping sheets, en daarna doorgestuurd naar de gewenste web portals, zoals Europeana, het Labour History Portal, Facebook, Flickr, enz. HOPE biedt tevens een aantal bijkomende ondersteunende services, zoals de HOPE PID Webservice.

Het werk aan het HOPE-project is opgedeeld in zeven werkpakketten:
- WP1 - users, content and IPR;
- WP2 - agreed standards and best practices;
- WP3 - local implementations;
- WP4 - HOPE aggregator service;
- WP5 - HOPE shared repository;
- WP6 - networking and dissemination;
- WP7 - project Management.

Waarom?
In de loop van de 20e eeuw hebben instellingen verspreid over Europa de geschiedenis van volksbewegingen en individuele levensverhalen verzameld die geen plaats vonden in het canon van de officiële geschiedenis, zoals opgeslagen in staatsarchieven en staatsbibliotheken. Deze verzamelingen vormen een unieke bron voor de sociale geschiedenis van de Europese man/vrouw in de straat. Ze bevatten de intellectuele en materiële getuigenis van strijd en bevrijding, in de vorm van geschreven teksten, persoonlijke documenten, foto's, spandoeken, affiches, opgenomen toespraken en filmfragmenten. Digitalisering heeft de erfgoedsector radicaal veranderd, maar heel wat instellingen ontberen nog steeds de technische kunde en infrastructuur om de ontwikkelingen bij te benen en op een aanvaardbare wijze de toegankelijkheid van hun collecties te verzekeren. HOPE creëert een samenwerkingsverband van Europese instellingen voor sociale geschiedenis dat streeft naar een betere toegankelijkheid van deze bijzonder relevante maar versnipperde verzamelingen.

Er zijn verschillende redenen waarom de HOPE vraagt ​​om een ​​Europese aanpak:
  • De sociale geschiedenis bron is niet een lokale of een nationale bron. Het is een thematische bron. De kern van de bron is Europees materiaal.
  • De individuen en sociale bewegingen die hun persoonlijke papieren toevertrouwden aan de instellingen voor sociale geschiedenis in Europa werkten in een Europese context en op Europees niveau. Dit wordt het best geïllustreerd door Communistisch Manifest van 1848, het eerste ontwerp waarvan er slechts nog een handgeschreven pagina wordt bewaard in het IISG in Amsterdam. "Een spook waart door Europa: het spook van het communisme," zo begint Marx' Manifest. Het oorspronkelijke voorwoord kondigde Engels, Frans, Italiaans, Vlaams, en Deense vertalingen aan. Tijdens de revolutionaire gebeurtenissen van februari 1848 op het continent werd het pamflet clandestien uitgedeeld in heel Europa. Het is duidelijk dat het erfgoed van deze sociale bewegingen behoort tot Europa.
  • Blijvend Europees burgerschap en een Europese identiteit sluiten aan bij algemene waarden, rechten en plichten, die niet meer uitsluitend nationaal van aard zijn. Het bestuderen van onderling verbonden digitale bronnen over sociale geschiedenis en rechten van de mens zal bijdragen aan innovatieve (academische) debatten over de theorie van de Europese integratie en de supranationale ontwikkeling.
  • Sociaalhistorici stellen in toenemende mate transnationaal gerichte onderzoeksvragen. Steeds meer gezamenlijk onderzoek in de sociale wetenschappen gebeurt dwars door de traditionele disciplinaire grenzen heen en richt zich op vergelijkend en transnationaal onderzoek.

Hoeveel?
HOPE beoogt om 880.000 digitale objecten aan Europeana te leveren. Het totale budget van het HOPE-project bedraagt 3,3 miljoen euro, waarvan 2,7 miljoen euro wordt gedekt door een subsidie van de Europese Commissie en de rest door de partners zelf.

Contact?
HOPE Dissemination & Networking:
Ernesto Harder
Friedrich-Ebert-Stiftung - Archiv und Bibliothek der sozialen Demokratie
Godesberger Allee 149
53175 Bonn (Duitsland)
Mail: ernesto.harder@fes.de

Amsab-ISG:
Donald Weber
Mail: donald.weber@amsab.be